Veelvuldige werkelijkheid

Teisho André van der Braak 8 januari 2019 – bewerking tekst Elja Stoel

In de midwintersesshin hebben we vijf dagen de Platform sutra van Huineng bestudeerd. De Platform sutra is een van  de belangrijkste teksten uit de zen traditie. Het is een van de oudste teksten in de zen traditie waarvan alle scholen zeggen dat zij zich hierop baseren.

Vormloze beoefening

In essentie vertelt de Platform sutra, steeds weer opnieuw dat zen beoefening een vormloze beoefening is. Vormloze beoefening betekent dat de beoefening geen bepaalde gestalte of gedaante heeft. Het is niet een bepaalde techniek of methode, het is vormloos. Zen beoefening is niet gebonden aan een bepaalde lichamelijke, fysieke vorm. Je denkt misschien dat het verbonden is aan het zitten, maar dat is niet zo. Er zijn vier lichamelijke houdingen; zitten, staan lopen en liggen. Je kunt in alle vier de houdingen zen beoefenen.

Zen beoefen je 24 uur per dag

Het maakt niet uit welke houding je aanneemt. Het betekent dat deze beoefening een 24 uurs beoefening is. Je bent altijd in een van deze houdingen. Iedere houding leent zich voor zen  beoefening. Denk niet dat je zen beoefening zoiets is als tijd reserveren in je agenda in de vorm van ‘ik ga een half uurtje zen beoefenen.’ Nee de juiste wijze is dat je 24 uur per dag zen beoefent en misschien dat je dan ook een half uurtje gaat zitten in zazen. Dat is heel goed en dat kan ik ook van harte aanbevelen,  maar we zijn er de hele dag mee bezig. Beoefening gaat de hele dag door.

Het is geen beoefening die een bepaalde vorm of gedaante heeft.  Zen heeft geen vorm. Vormloze beoefening betekent vrij blijven van alle vormen en patronen, vrij blijven van een bepaalde groef waar je in geraakt, vrij blijven van een succes formule, vrij zijn van een strategie.

Recht door zee bewustzijn

Wat doen we dan eigenlijk in deze vormloze beoefening? Een van de dingen waar Huineng over spreekt is de beoefening van een ‘straight forward mind’– een recht door zee bewustzijn. Dit is een onbelemmerd bewustzijn, een onbelemmerde staat van geest, waarbij  je de dingen rechtstreeks tegemoet treedt, zonder er een ding van te maken, zonder er een bepaalde agenda op na te houden, zonder het te willen manipuleren, zonder het te willen managen. Het beoefenen van deze geesteshouding is zen. De geest nergens laten verblijven. De geest nergens laten wonen, nergens onderdak zoeken, dakloos blijven, spiritueel dakloos blijven.

Veelvuldige werkelijkheid 

zuiverlandWaarom doen we dat? Omdat we ons bevinden te midden van  een enorme grote, veelvuldige werkelijkheid, die veel rijker is dan wij kunnen bevatten. De werkelijkheid die wij met onze zintuigen kunnen waarnemen, de materiele werkelijkheid is volgens de wetenschappers 5 procent, de overige 95 procent is donkere materie en donkere energie. Van de 5 procent gaat het grootste deel langs ons heen, omdat we deze niet met onze zintuigen kunnen waarnemen. Onze zen beoefening bestaat er uit om  te proberen die kleine bubbel waarin we leven wat ruimer te maken, zodat net even wat meer van die onmetelijke werkelijkheid bij ons binnen kan komen. Onze beoefening is vormloos zodat die uiteindelijke werkelijkheid ons kan informeren. Als we al een vorm hebben kan dat niet.

Een wereld die krimpt

Ik moest hier erg aan denken toen ik wat meer tijd door bracht met mijn vader. Hij heeft een delier gehad, hierdoor moest hij worden opgenomen. Hij woont nu op een gesloten afdeling en hij is dementerend. Hij heeft volstrekt niet door dat er iets mis is met hem, hij voelt zich in controle over zijn leven. Alles gaat prima, volgens zijn beleving, hij heeft absoluut niet het besef dat er iets niet in orde is of dat er iets mis is. Hij vraagt dan ook aan mij ‘Waarom ben ik hier?’ Voor hem is het een vreemde zaak dat hij op een gang zit met kamers. Ik las in de Volkskrant een artikel over dementie van Bert Keizer die 30 jaar heeft gezorgd voor dementerenden. De dementerende weet zelf niet dat hij dementerend is. Dementie is geen ziekte die je hebt, maar je bent dementerend. Je kunt je er niet toe verhouden. Iemand die dement is, is dat. Je kunt je nooit voorbereiden op dementie. Je wereld krimpt en wordt steeds kleiner. Hij maakte de vergelijking met kinderen die op de achterbank in de auto zitten en vader heeft een speelgoed stuurtje aan de stoel vast gemaakt. Het kind stuurt mee en heeft het gevoel in controle te zijn. Ik keek naar mijn vader en hij heeft het gevoel in controle te zijn.

Ik keek naar hem in zijn kleine wereldje. Mijn vader had grote moeite met het licht uit doen. Ik had een nieuwe schemerlamp voor mijn vader gekocht. De lichtknopjes werken alleen voor de lampen aan het plafond. En hoe hij ook probeerde, er bleef steeds een licht aan, namelijk zijn nieuwe schemerlamp. Hij raakte wat geïrriteerd. Hij had geen idee hoe deze lamp uit ging. Ik besefte hoe klein de wereld van mijn vader was geworden en dat hij dat zelf niet door heeft en het lijden dat dat met zich mee brengt.

Compassievolle wezens

En toen realiseerde ik mij dat wij eigenlijk net zo zijn. Laat ik het zo zeggen, als de engelen naar ons zouden kijken, of de deva’s of wezens met een groter bereik, dan zien ze ons net zo stuntelen als ik mijn vader zie stuntelen, precies op dezelfde manier. Ze zouden vol compassie zijn en een groot verlangen hebben om ons te helpen. Maar net zo goed als ik mijn vader niet kan helpen en niet kan uitleggen waarom hij in het tehuis zit en wat er met hem is zouden deze wezens het ons ook niet kunnen uitleggen.

Met nieuwjaarsdag heb ik mijn vader opgehaald en zijn we naar het ouderlijk huis in Naarden gegaan en hebben we nieuwjaar gevierd met alle kinderen. Dit ging heel goed, maar op een gegeven moment raakte mijn vader in de war. Hij zei ‘Ik heb een probleem, want ik heb twee adressen, hoe moet ik dat nu doen?’  Toen voelde ik dat het tijd was om hem terug te brengen. Dus ik bracht hem terug naar het tehuis. We kwamen daar aan en toen vroeg hij ‘Wat gaan we nu doen?’ ‘Ik ga nu naar huis’, zei ik ‘en jij blijft hier’.  Mijn vader zei toen ‘Dat vind ik niet zo’n goed idee, want ik voel me hier niet zo prettig.  Laten we weer terug gaan naar die andere plek.’ Ik kon hem niet uitleggen waarom dat niet mogelijk was, ik moest hem daar achter laten.

Op dezelfde manier kunnen de engelen of andere wezens ons even in het licht zetten. Dan voelen we plotseling hoe groot de werkelijkheid echt is. Maar daarna moeten we onherroepelijk weer terug, naar ons eigen kleine wereldje. En soms denken we dan ook ‘ik voel me hier niet zo prettig, kan ik weer terug naar het licht, naar die andere plek.’  boeddha en kwan yin

Laat de geest nergens verblijven

We hebben de mogelijkheid om af en toe die grote werkelijkheid binnen te laten en daar contact mee te maken. Dit plaatst de dingen in een heel nieuw licht. Die verbinding met die grotere werkelijkheid is waar het in elk spiritueel pad om gaat hoe je het ook wendt of keert. Het zijn allemaal pogingen om ingangen te zoeken en om innerlijke voelsprieten te ontwikkelen waardoor die grote werkelijkheid wat meer binnen kan komen in ons kleine wereldje.

Dit kan alleen maar door beoefening van die onbelemmerde geest, door de geest nergens te laten verblijven. Want we hebben dit vermogen, maar het komt niet uit de verf. Het komt niet uit de verf omdat wij voortdurend in de vorm schieten,  en in patronen schieten en strategieën, waardoor we in een tunnelvisie komen en we die grote werkelijkheid actief buitensluiten.

Dit vermogen dat we hebben wordt in het boeddhisme boeddhanatuur genoemd. Die is niet binnen ons heel diep verstopt, iets waar we naar op zoek moeten gaan, ons ware zelf of zo. Het is het vermogen om die werkelijkheid binnen te laten komen, daar contact mee te maken en daardoor te worden geïnformeerd. Die mogelijkheid hebben we en dit is onze stralende boeddhanatuur. Eigenlijk zijn we altijd al in contact met deze grote werkelijkheid. We zien het niet, we sluiten het buiten. Verlichting is altijd al gaande. We hoeven niet te streven om verlicht te worden, we moeten eenvoudig weg dat wat al gaande is aan het licht laten komen.

Daarmee is het dus heel belangrijk om iedere verharding, ieder patroon, iedere groef steeds weer te vermijden. Steeds weer los te laten, zodat we steeds weer met oprechte intentie de stilte ingaan en met een oprechte intentie ons openstellen voor die grote werkelijkheid.

Zen is niet leren mediteren

Dit is wat beoefening van zen is. Zen is niet leren mediteren of zonder gedachten te zijn, zen is ook niet leren in het hier en nu te zijn. Dit zijn allemaal hele goede trainingprogramma’s en die kun je volgen, en daar kun je je in bekwamen. Hier is niets op tegen, maar dat is niet wat zen is. Zo gauw je zen versmalt tot een methode of systeem wordt dit een vaardigheidstraining. En je kunt er ook heel goed in worden. Maar het is geen zen . De zesde zenpatriarch Huineng  doet  een poging dit wat concreter te maken, wat dichterbij te halen. Want hoe doe je dat dan, leven vanuit een recht-door-zee bewustzijn?

Non-denken

Hij beschrijft daar drie aspecten van. Ten eerste, zo’n geesteshouding heeft te maken met non-denken, dus niet met denken, ook niet met niet-denken, maar non denken. En dat betekent, niet bezig zijn met denken, niet gaan reageren en reflecteren op je denken. Die commentaarstem achterwege laten, en steeds weer opnieuw dat denken laten stromen en zijn gang laten gaan als een natuurlijk proces.

Laat de geest spelen

Non denken is het eerste aspect, non vorm is het tweede, en non attachment, geen gehechtheid, is het derde. Nergens aan vast blijven plakken, nergens aan vasthouden. De geest altijd vrij laten zwerven, vrij laten bewegen zonder zich ergens aan vast te pinnen. De geest laten spelen. Ook in onze zitmeditatie laten we de geest spelen. Nico Tydeman  zei altijd dat we de geest moeten laten doen waar hij zin in heeft. Dit vraagt om een groot vertrouwen. Want je denkt meteen -als ik er niet ben om een oogje in het zeil te houden, dan gaat mijn geest alle kanten op. Vertrouw erop  dat er een soort intelligentie is, in ons hele wezen, dat er iets is wat ons draagt en dat we dit kunnen toelaten, dat we die vrije improvisatie en spontaniteit kunnen toelaten.

Leven vanuit innerlijke resonantie

Wanneer we dat doen,  dan worden we geleid. Vraag me niet door wie of wat, maar we worden geleid en geholpen. We ontvangen informatie, we worden geïnformeerd. Dogen spreekt van een onzichtbare wederzijdse assistentie tussen ons en alle boeddha’s en boddhisatva’s uit heel de werkelijkheid. Een van de kenmerken van demente mensen is dat ze af en toe niet aanspreekbaar zijn.

Wat zegt dit over ons zelf, hoe vaak zijn wij aanspreekbaar? Hoeveel ontelbare pogingen vinden er wel niet plaats om ons aan te spreken? We zijn zelfvoldaan, zelfgenoegzaam, en op deze manier niet aanspreekbaar. Wanneer we leven vanuit deze wisselwerking dan is dit een heel ander soort leven dan dat we leven vanuit ons zelf  en vanuit ons eigen centrum. Dan leven we vanuit een innerlijke resonantie, een soort gevoeligheid. Daar laten we ons dan door aanspreken.